Overweging tweede advent 5 dec Dominicus Amsterdam

Vol verwachting klopt ons hart! Wanneer de tweede zondag van de advent en 5 december samenvallen dan kunnen we dat met recht zeggen: vol verwachting klopt ons hart! Sinterklaasavond… maar al te graag kleuren we deze avond in met blije gezichten, zoete lekkernijen en een idyllisch samenzijn. Maar dit sinterklaaslied zet ons ook met beide benen in de realiteit: ‘Vol verwachting klopt ons hart. Wie de koek krijgt, wie de gard?’ Het heerlijk avondje is blijkbaar geen garantie op blije gezichten. Het is niet voor iedereen heerlijk en fijn. De laatste jaren is er terecht veel aandacht voor hen die zich buitengesloten voelen in de sinterklaasviering. Ik doel dan niet alleen op de zwartepietendiscussie maar ook op de toenemende aandacht voor wat deze avond betekent voor gezinnen die in armoede leven.

Vol verwachting klopt ons hart. Wie de koek krijgt, wie de gard? Dit sinterklaaslied brengt ons naar het hart van onze adventsperiode. De advent als bezinning op de vraag wie wij in het perspectief van een betere wereld uitsluiten en insluiten. De aankondiging van deze adventserie begon met de zin dat de advent een tijd is van een groeiend verlangen naar een andere wereld, en daarmee ook van groeiend verzet tegen wat mensen nu gevangenhoudt. Maar hoe werkt dat, een verlangen dat tot een verzet leidt? Het antwoord op die vraag vond ik in het verhaal over de wijzen.

Een verhaal wat ik al zo vaak gehoord had en waarbij het toch ging om de wonderlijke ontdekking van de messias in een kribbe van stro? Zeker! Maar vlak daarna gebeurt er iets wat misschien wel net zo wonderlijk is en ook onze aandacht verdient. De wijzen keren na hun bezoek aan de stal namelijk niet terug naar Herodes. Ze doen niet wat er van hen verwacht wordt. Ze doen iets heel onverwachts en ook gevaarlijks. Ingegeven door een droom, nemen ze de wijk. Ze nemen een andere weg naar huis. En daarmee verzetten ze zich tegen de zittende macht, tegen een heerschappij gebaseerd op angst.

Wonderlijk toch? Wijzen die zich laten leiden door een droom!? Had het niet veel geloofwaardiger geweest als er had gestaan dat de wijzen in de sterren een alternatieve weg naar huis hadden gevonden? Diezelfde sterren die hen naar de verlosser hadden geleid. Dat zou toch veel logischer zijn? Of je had ook kunnen vertellen dat de wijzen de koning niet vertrouwden en daarom een andere weg naar huis kozen? Had dat deze ommekeer niet veel geloofwaardiger gemaakt? 

Nee, zouden wetenschappers in deze tijd zeggen. Dan zou het net zo ongeloofwaardig zijn. Deze Herodes had de wijzen in vertrouwen genomen en hen een speciale opdracht gegeven. Hij nam de wijzen en hun wijsheid heel serieus. Dat wekt vertrouwen. En bovendien heeft de koning een machtspositie. Psychologisch gezien ligt het dan niet voor de hand en is het misschien wel ondenkbaar dat de wijzen de koning de rug zouden toekeren. Daar komt bij dat ons brein zo ingesteld is dat we vooral bevestiging zoeken van wat we al weten en vinden. Een confirmation bias heet dat: Je ziet wat je wilt zien. En er ontstaat stress op het moment dat er iets gebeurt wat tegen onze verwachting in gaat. En dat noemen psychologen dan cognitieve dissonantie. Die stress gaan we liever uit de weg. En daarmee wordt nog maar eens onderstreept hoe bijzonder deze wending van de wijzen is.

Maar laten we nog even bij dat brein blijven. Datzelfde brein dat niet zo houdt van het onverwachte en het onvoorziene, dat brein heeft ook een wonderlijk vermogen, namelijk het vermogen om te dromen. De droom als tegenhanger van de confirmation bias. Het brein dat haar zelfopgelegde begrenzingen weer kan ontgrenzen in een droom. Hoe wonderschoon is dat: een zichzelf corrigerend brein. In een droom gebeurt het onverwachte en maken we ons een voorstelling van dat wat onvoorstelbaar is. Aan alles waar het brein overdag geen chocolade van heeft kunnen maken, doet zij in de nacht recht in een droom. Op het eerste gezicht vaak onbegrijpelijk en onnavolgbaar. De droom gaat voorbij aan conventies en de logica van alledag en brengt zo ‘wat ongehoord is’ in onszelf tot klinken. Dromen kunnen je wakker maken, letterlijk en figuurlijk. In dromen kunnen je de inspiratie en moed vinden om nieuwe wendingen aan het leven te geven. Ze zijn een onuitputtelijke bron van energie, beweging, levenskracht en zingeving. Mits je er natuurlijk aandacht voor hebt.

De omwenteling die de wijzen in het verhaal maken, kon niet anders dan middels een droom, zou je kunnen zeggen. En niet voor niets is de droom in de bijbel een heel gebruikelijk medium voor het spreken van godswegen. Waar God spreekt, gebeurt het onwaarschijnlijke, het onvoorstelbare, als in een droom.

Dit verhaal over de wijzen, die zich niet meer door de sterren lieten leiden maar door hun droom, is heel actueel. Steeds vaker duikt in de wetenschappelijke wereld een nieuwe vorm van onderzoek op: de appreciative inquiry, het waarderend onderzoek. Het is een onderzoeksmethode waarin meer verhalend en verbeeldend gezocht wordt naar nieuwe ideeën en beelden die ons anders laten kijken naar de situatie. De zogenoemde ‘droomfase’ in deze onderzoekscyclus heeft nadrukkelijk tot doel om de onderzoekers te bevrijden uit de manier waarop ze tegen de werkelijkheid aankijken. Deze waarderende onderzoeksmethode wordt ook veel toegepast in verandertrajecten in organisaties en bedrijven. De droom als instrument voor veranderaars.

Dat het werkt heeft Dominee Martin Luther King ons laten zien. Hij gebruikte de droom als retorisch instrument om een horizon te schetsen van wat onvoorstelbaar was op dat moment. De woorden ‘ik had een droom…’ bieden een mogelijkheid, een vrijplaats, voor dat wat onverwacht, vreemd en ongehoord is en nodigt mensen uit om hun bestaande zekerheden en kaders los te laten. En dat is niet zonder risico en gevaar: de wijzen moesten uitwijken, Martin Luther King kon niet uitwijken en werd doodgeschoten.

En ik? Welke droom heeft mij in beweging gebracht? Welke ongehoorde stem hoorde ik in een droom?

Het was in de periode vlak voordat ik veertig zou worden, ruim zes jaar geleden. Het was een periode die toen om meerdere redenen voelde als een kruispunt: moest ik op dezelfde weg doorgaan of een afslag nemen? Het voelde bij tijd en wijlen beklemmend. Alsof ik definitieve keuzes moest maken. De bekende mid-lifethema’s. In die tijd had ik een paar keer dezelfde droom. Ik droomde dat ik in mijn oude studentenhuis woonde maar nu met mijn gezin. Ik sta in de hal en zie een deur aan het eind van de gang. Een deur die ik nog nooit eerder gezien had. Ik open de deur en zie tot mijn grote verbazing dat er achter de deur nog allemaal ruimtes zijn. Ik begin enthousiast te roepen naar mijn man: kom eens gauw, moet je kijken! Wist jij dat? Er zijn hier nog allemaal lege kamers!! Ik kan het nog oproepen: de blijdschap en ook de verbazing die ik dan voel. En ook de behoefte om het te laten zien aan mijn man. Op dat moment begreep ik nog niet wat de reikwijdte was van die droom en welke bevrijdingen daarmee op gang zouden komen. Maar wat ik wel weet is dat die droom mij toen onbewust uit de verkramping heeft geholpen. Door die droom begon ik anders naar mijn leven kijken. Niet meer als een kruispunt maar als een thuis rijk aan onontdekte kamers.

De droom, dat is een vindplaats van de ziel en een oefenplaats voor bevrijding en ontgrenzing.

Ik wens u een advent vol met dromen,

moge het zo zijn!